Op bezoek bij Martin Hazenberg
Het is nog volop winter als we 12 januari om 19.30 uur de Berkstraat in Boskant inrijden. We moeten even zoeken in de niet al te best verlichte straat maar weldra staan we voor nummer 28 ,het huis van Martin. Daf deskundige en al meer dan 10 jaar lid van de HW&VC en op nagenoeg alle evenementen van de club aanwezig met een van zijn auto,s.

Martin,wiens vrouw drie jaar geleden gestorven is,is" gelukkig" zoals hij zelf zegt na drie jaren niet meer alleen. Hij heeft een vriendin gevonden die zijn hobby,DAF auto,s en alles wat er mee samenhang, met hem deelt.
Mijn vrouw ging vroeger ook vaak met mij mee met oldtimerritten en clubevenementen, ze hielp ook altijd mee in het DAF museum,en nu doet mijn vriendin dat ook. We zijn ook samen met vrienden van ons naar het DAF-museum in Duitsland geweest en naar de algemene vergadering van de DAF-club.
Ik ben,verteld Martin verder in 1959 naar de LTS in Veghel gegaan, en volgde daar de 3 jarige opleiding voor metaalbewerker.
Net als de meeste jongens die uit Veghel en ST.Oedenrode kwamen en de metaal opleiding gevolgd hadden ging ik naar de bedrijfsschool van DAF in Eindhoven.
Omdat in die tijd de DAF -personenauto ontwikkeld werd en men die ook in Eindhoven ging maken,hadden ze veel personeel voor de productie nodig. Deze bedrijfsopleiding duurde drie jaar .In die drie jaar zat je afwisselend 3 maanden in de klas en werkte je weer 3 maanden op een afdeling .Zodoende doorliep je diverse afdelingen voor je met de opleiding klaar was.

Zoals ik al zei,er was veel personeel nodig. Om een voorbeeld te geven. Er liepen toen ik begon 12 DAF,s 600,het eerste model, per dag van de band,Na enkele jaren was dat opgevoerd naar ca.100.

Heel veel mensen denken dat de DAF 33 de eerste personenauto was maar het was toch echt de 600 die de spits af beet. De herkenning van die 660 was ook moeilijk om dat er helemaal geen type vermelding op de auto stond alleen maar DAF. Na deze 600,kwam de DAFodil,die in 3 types werd gemaakt, namelijk de 30,31 en 32.Ook hier werd geen type vermeld. De achtervoeging 30 etc. was de vermelding van het aantal pk,s dat dit type leverde. Pas bij de DAF 33 (33 pk) werd dus 33 als type aanduiding op de karosserie gezet. Zo had dus de DAF 44 pk en de 55 etc.

Na mijn opleiding aan de bedrijfsschool had ik het geluk om op de ontwikkeling -afdeling te werk gesteld te worden. Het was heel interessant werk en we hadden daar niet de druk die men in de productie wel had. Mijn werk bestond voornamelijk uit het testen van onderdelen van prototype,s van nieuwe DAF-modellen. Tot 1970 heb ik bij DAF gewerkt en heb zodoende ook de ontwikkeling van de zgn. Body de DAF 44 met 850 cc boxermotor meegemaakt. In de fabriek werd het model B-body genoemd omdat vanaf de DAF 600 tot en met de 33 de body,s allemaal doorontwikkelingen waren van het eerste model de A- body dus.

Ook de motoren werden bij DAF zelf ontwikkeld en evenals de variomatics ook geproduceerd. Begin jaren 70 werd de personenwagen divisie overgeheveld naar Born .In Limburg zat men met een groot overschot aan arbeidskrachten tengevolge van de mijnsluitingen. Met heel veel subsidie van de overheid werd de nieuwe fabriek van Daf daar gebouwd en vonden veel Limburgers werk in de auto-industrie. De eerste type,s van de 44 werden in1967 ,68 en 69 nog in Eindhoven geproduceerd met de 850cc motor. Dit is overigens ook de laatste motor dier door DAF zelf is ontwikkeld en gemaakt. Bij de latere types is men overgegaan naar motoren van toeleveringsbedrijven. De DAF- motor bleef echter nog lang in productie want hij werd nog gebruikt in het latere model 46 en zelfs in de eerste Volvo 66 wat in feite gewoon een 46 was met wat dikkere bumpers en een ander merk en typeplaatje erop. Nog weer later kwam de nieuwe Volvo 343 op de markt die ik echter nog mee heb ontwikkeld als DAF 77 !!!.

Eigenlijk was de ontwikkeling van de DAF 77 de zwanenzang van de personenauto industrie in Nederland. Er werd in Born eigenlijk alleen nog maar geassembleerd maar ontwikkeling etc. werd voortaan elders gedaan.
Een tak van DAF of eigenlijk van Huub van Doorne is tot op heden overeind gebleven en nog succesvol ook,namelijk het duwband project. Jaarlijks worden er bij VDT (van Doorne,s Transmissie) in Tilburg ca. 2 miljoen duwbanden gemaakt voor diverse automerken. Deze duwband is eigenlijk een doorontwikkeling van de variomatic. Huub van Doorne weigerde consequent een versnellingsbak in een DAF te plaatsen en de Variomatic en later de duwband waren echt"het ding "van Huub.
In de periode dat ik bij DAf werkte kon je daar met ongeveer 12 % korting een nieuwe DAF kopen .Dat betekende in mijn geval echter niet dat ik dat ook deed. Een DAF koste dan nog Ca, 4000 gulden. Dat lijkt nu een prikje maar met 70 gulden loon in de week waar de helft afging voor de hypotheek van het huis was het niet echt een vetpot .Ik heb duizenden nieuwe DAf,s gezien maar zelf nooit een nieuwe gehad.
In 1970k kreeg ik een leuke aanbieding om in het kunststoffen laboratorium van Philips te gaan werken . Voor mij een nieuwe uitdaging en de verdienste waren ook beter dus nam ik afscheid van DAF, tot begin jaren 80 had ik er ook niet echt meer iets mee. Ik vond oldtimers best wel aardig maar om nu te zeggen deze of die auto wil ik ,had ik toen nog niet. Op een gegeven moment zag ik een Volvo type "kattenrug" en daar werd ik toch wel een beetje verliefd op. Om wat restauratie ervaring op te doen besloot ik echter om niet meteen aan een Volvo te beginnen maar eerst mijn kunsten uit te proberen op een DAF. Per slot van rekening kende ik die auto van binnen en van buiten en de kosten waren ook beduidend minder dan een bij kattenrug.
Ik heb toen in 1987 een DAF 33 laatste type ,bjr. 1973 gekocht,Ik ben toen ook lid geworden van de DAF-club omdat ik er al snel achter kwam dat dit nagenoeg de enige manier was en is om aan onderdelen te komen. Toen ik de 33 helemaal gestript en in onderdelen had liggen kregen we van de DAF club de mededeling dat men ter gelegenheid van het 10 jarig bestaan met oude DAF,s een bezoek zou brengen aan de DAF ownersclub in Engeland. Omdat ik met de restauratie van mijn 33 lang niet op tijd klaar zou kunnen zijn,en ik toch graag mee wilde, heb ik een DAF- marathon bij gekocht .Deze was in goed staat en alleen optisch heb ik hem in eerste instantie wat opgeknapt zodat ik niet voor schut zou staan. Toen we in Engeland waren,wat overigens een prachtige ervaring was met al die DAF,s in colonne,liep ik een Nederlander tegen het lijf die twee DAF,s te koop had. een type 33 en een 44.Omdat ik me weer helemaal happy voelde met mijn Daf,s besloot ik het project "kattenrug " vaarwel te zeggen en kocht die 2 er dus bij. De 44 heb ik later verkocht aan een liefhebber in Veghel. Die heeft hem weer doorverkocht aan Dhr. van Griensven die hem nu in zijn museum in Veghel heeft staan.
Ik reed dus toen met de Marathon en had de 33 nog steeds in onderdelen in de schuur liggen. Mijn dochter ging echter trouwen in 1990 en wilde dat persť in de 33 doen . Dus moest ik flink aan de bak. Ik was bezig met de 33 die ik ingeland gekocht had maar die ik inmiddels aan het restaureren was voor mijn zwager en daarnaast mijn eigen 33.Ongeveer een half jaar lang was het iedere avond tot de late uren in de schuur om beide auto,s op tijd klaar te krijgen. Uiteindelijk is alles op zijn pootjes terecht gekomen en kon mijn dochter trouwen in de DAf 33 en mijn zwager kon met de zijne op pad.
Na al dat restaureren was ik het toch wel een beetje zat dus bleven de projecten voor een lange periode onaangeroerd. Ik was inmiddels wel actief lid geworden bij de Dafclub en had regelmatig contact met de magazijnmeester .Op zijn aandringen ben ik toen voor de Club kunststof en rubber hoezen sluitringen etc. gaan maken. Dit lag in het verlengde van mijn werk en kon zodoende op het lab bij Philips, maar ook veel thuis, onderdelen maken voor de club. Het is min of meer een verlengstuk van mijn hobby .Dit werk voor de Dafclub beslaat tegenwoordig zowat al mijn vrije tijd.
Toen ik bij Philips in de VUT ging kreeg ik een afscheidsreceptie aangeboden. Voor alle genodigden was dat bij Philips maar voor intimi hebben we het nog eens overgedaan in het Daf-museum. De manager van dat museum was beroepshalve aanwezig en hoorde de toespraken,die bij mijn afscheid gehouden werden, en vroeg mijn nog op de receptie of ik niet als vrijwilliger mee wilde gaan werken in het museum,.Ik was goed op de hoogte van alles wat er stond en kon de vele bezoekers wegwijs maken en de eventuele vragen die er gesteld werden ook beantwoorden. Ik heb toen die uitnodiging aangenomen en heb dit werk 9 jaar gedaan samen met mijn overleden vrouw ,die beurtelings achter de kassa zat of als koffiejuffrouw fungeerde als ik op zondag in het museum werkte.
Na het overlijden van mijn vrouw ben ik in het museum veel minder gaan werken. Ik ben weer aan het restaureren geslagen. Als eerste heb ik een DAF 44 voor mijn schoonzoon ,die ook al met de oldtimerziekte behept is tot in de puntjes klaar gemaakt,Mijn volgend project ,opnieuw een DAF 33, staat al weer in de Epoxipruimer achter in de werkplaats. De DAF-boxermotor staat nagenoeg helemaal gereviseerd klaar om ingebouwd te worden .Voorlopig heb ik dus nog werk zat.
Naast het maken van de kunststof en rubber onderdelen voor de DAF club en die restauratie, bezoek ik eigenlijk alle evenementen van deze club (HW&VC redactie).Ik kwam in aanraking met de HW&VC toen die club een bezoek bracht aan ons museum. Ik raakte toen in gesprek met Ton Santegoeds de penningmeester die gloedvol over zijn club vertelde. Ik ben meteen lid geworden omdat wat ik hoorde mij wel aan stond. Sinds die tijd kom ik op alle evenementen van de Club ,Iedereen kent iedereen alles is een beetje kleinschaliger als bij de DAF-club en het is er eigenlijk altijd gezellig. Met name de filmavonden in de winterdag zijn heel gezellig .Vaak zit d"De Zwaan " in Heeswijk helemaal vol. Het is niet eens zo belangrijk wat voor film we gedraaid wordt. Meestal zijn ze heel goed,maar vooral het bijkletsen met andere clubleden over het restaureren en zo is gewoon heel mooi .Ik hoop dit dan ook nog lang te kunnen doen.
NA nog eens een kop koffie en nog even de werkplaats en de Daf,s van Martin bekeken te hebben, rijden we rond 22.15 ,een mooi verhaal van een echte liefhebber rijker,richting huis,
Tot het volgende op bezoek bij.

Rien &Bert



Vorige pagina