Op bezoek bij………………..Joop v.d. Bogaart
  
Rondom ligt een dik pak sneeuw en alles lijkt in diepe rust. Vlak na de jaarwisseling lijkt het normale leven door de vors en de sneeuw niet op gang te willen komen. Voor ons een mooie gelegenheid om verder te gaan met de serie op bezoek bij,waarbij we steeds een lid van de HW&VC Midden-Brabant bezoeken om een praatje te maken over zijn oldtimer hobby . Dit keer gaan we op bezoek bij Amerikaanse motorenverzamelaar Joop van den Boogaart. Over een hobbelige weg komen we een mooi geplaveide plaats opgereden. Waar alleen een oude Peugeot blijk geeft van de oldtimerliefde van Joop. In de grote splinternieuwe hal zit hij aandenken aan vele motortreffen die hij bezocht heeft op een stropdas te spelden. Als ik er later niet meer ben kunnen ze hieraan zien waar ik overal ben geweest zegt hij met een lach. De koffie staat al vlug op tafel en smaakt heerlijk zeker nu het buiten zo koud is. Binnen is het warm , diverse neonreclames geven er nog een extra tintje aan en jaren 60 muziek klinkt op de achtergrond. Een sfeer waar je je als oldtimerliefhebber wel bij thuis moet voelen. Niet toevallig hangen er aan de wand veel Amerikaanse reclame borden en neonverlichting maar ook een mooi verlichte Bavaria lichtbak misstaat zeker niet. Onder het genot van een 2e kop koffie steekt Joop van wal. ik ben eigenlijk mijn hele leven al geboeid door motoren en in eerste instantie bromfietsen. Het begon allemaal in 1964 met een Zundapp die ik kreeg toen ik van school kwam .Een paar jaar later werd dat een Zundapp KS 100 maar het zwaardere spul bleef toch trekken. In die tijd,ik was nog vrijgezel en spendeerde ik er zowat al mijn geld aan. Toen ik 18 werd haalde ik mijn motorrijbewijs en kocht ik een AJS Bij de gebroeders van der Aa in Veghel waar ik veel over de vloer kwam en die een motorenrevisie bedrijfje runden. Je kocht een Engelse motor van net na de oorlog. Voor een paar honderd gulden in ieder geval stukken goedkoper als een nieuwe brommer. Motor rijden was helemaal niet in in die tijd het was meer voor mensen die geen auto konden betalen .In Veghel reden er toen ik stuk of 10 rond die ik eigenlijk allemaal wel kende. Met die Engelse motoren was het ook altijd wel iets, olie lekken deden ze allemaal en kleppen stellen was zowat dagelijks werk .Kwalitatief was het niet zoveel zaaks. Daarom kocht ik wat later een NSU-lux een 200cc tweetakt die liep als de brandweer en ook nog heel bleef. Ik had toen liever een NSU max een viertaktmachine gehad maar daar had ik het geld niet voor. De wilde jaren vlogen voorbij waarbij nog verschillende motoren van diverse merken kwamen en ook weer gingen. Toen ook leerde ik Annie ,nu mijn vrouw, kennen. Al vlug kregen we trouwplannen en heb ik,omdat er geld op de plank moest komen, het hele spul verkocht. Omdat er hier niet al te veel te verdienen was ben ik in Duitsland op de bouw gaan werken. Op school had ik mijn diploma,s timmeren en metselen gehaald en die kon ik daar te gelde maken. We verdienden daar soms wel tot 600 gulden per week terwijl je hier voor minder als de helft om half zes s-morgens je bed uit moest .Ik heb een jaar of 6 in Duitsland gewerkt en toen het daar ook minder werd ben ik hier een bouwbedrijfje voor mezelf begonnen. Dat marcheerde goed en niet veel later,we hadden ondertussen 2 kinderen,kwam de motorliefde weer boven drijven. Ik kocht in Aarle Rixtel bij de De Juk,die nu nog steeds een maat van mij is, eerst een Ural met zijspan waar ik meteen de heg mee inreed en later een Matchless 350 .Zo begon het toen weer opnieuw. Bij de Matchless liepen steeds de kleppen los waar ik toch een beetje ziek van werd. Die heb ik toen geruild tegen een Harley liberator .Ik was meteen verkocht. Het was helemaal mijn ding het zware stampen van het blok en de klappen van die tweecilinder vond ik geweldig .Buiten dat was de liberator voor het Amerikaanse leger gebouwd en was door en door betrouwbaar. Je bent op zo,n Harley vooral de oudere type,s eigenlijk meer machinist dan motorrijder Ik vond het zo mooi dat ik toen ik het me financieel kon veroorloven er nog een Harley heb bijgekocht van het type VH met 1800cc motor. Nieuwe motoren hebben me nooit iets gedaan het was zoveel plastic dat het me niet kon bekoren,nu trouwens nog niet. Eind jaren 80 ging het op de bouw een stuk minder en was het moeilijk om de zaak draaiende te houden. Ik ben toen begonnen om in het schuurtje grenen meubeltjes te maken het begon met grenen hoektafeltjes en later met eenpersoons grenen kinderbedjes. Toen de zaak begon te lopen heb ik de helft van het pand van een van mijn broers gehuurd(hij deed in auto,s) op het industrieterrein in Schijndel. Daar groeide het bedrijf ook al snel uit zijn jasje .Ik heb toen in Veghel een nieuw pand gebouwd waar ik later samen met een compagnon verder ging in badkamermeubels. Ondertussen ging ik naar oldtimerbeurzen en kocht en verkocht ik zo nu en dan paar motoren. Zodoende kwam ik langzamerhand aan een kleine verzameling Harley,s van verschillende types zoals een V-twin en een boxer net als BMW. Op een gegeven moment liep ik tegen een Indian aan ,met Harley wel het meest bekende merk in Amerika maar wordt al jaren niet meer gemaakt terwijl Harley nog steeds volop produceert. Indian heeft ook diverse types gebouwd en was ook voor het Amerikaanse leger heel actief ook werden er motorengebouwd voor het racen op kombanen wat in Amerika erg populair was en nog steeds is. In de begin jaren van de motoren net na 1900 werden er in Amerika veel motoren gebouwd ieder smid kon wel een blok in een stevig fietsframe knutselen .Zo waren er merken als Raeding standard,Flying merkel,Thor ,Exelsior ,Pope en nog veel meer. De meeste van de merken verdwenen weer snel van de toneel door overnames van Harley en Indian en rond de jaren 30 waren er nog maar een paar merken over. Het spreekt voor zich dat er van die verdwenen merken heel weinig exemplaren zijn overgebleven en dus ook moeilijk zijn aan te komen. Zo af en toe komt er ergens eentje te koop en die zijn ze vaak tamelijk duur. Natuurlijk probeer ik mijn verzameling uit te breiden maar het moet natuurlijk wel een beetje betaalbaar blijven. Aan restaureren ben ik zelf nooit toegekomen. Ik heb daar niet het geduld en de kwaliteiten voor. Gelukkig zijn er een paar mensen die dat zo af en toe voor mij doen .Een motor goed restaureren kost zoveel geld aan verchromen ,spuiten reviseren etc . dat hij nadien eigenlijk onverkoopbaar is. Dus is het zeker niet alles goud wat er blinkt in oldtimerland.
Een paar jaar gelden heb ik mijn bedrijf verkocht en heb dus veel meer tijd voor mijn hobby. Annie heeft ook haar rijbewijs en kan goed met de wat lichtere Indian overweg .Samen gaan we vaak naar Harley en Indian meetings. Ik heb ook weer enkele bromfietsen aangeschaft natuurlijk weer mijn eerste type zundapp omdat ,de nostalgie viert hoogtij ,dat weer doet denken aan mijn jeugd. Ik ga met een paar maten nog steeds de oldtimerbeurzen af want handelen zit me een beetje in het bloed en na mijn twee kleinkinderen,waar mijn vrouw en ik zo nu en dan op moeten passen,is dat toch wel mijn grootste hobby. Na nog een rondleiding rond zijn nieuwe huis en een pilsje bedanken we Joop voor zijn gastvrije ontvangst en zijn mooie verhaal. En vertrekken we,een prachtige middag verder ,een ervaring rijker, weer richting Schijndel
Rien & Bert



Vorige pagina